Raven

“Raven, de wijze. Raven, de nieuwsgierige. Het liefst zou hij zelf zeggen: Raven, de alwetende – maar er is altijd meer te zien, meer te weten, meer te leren. Wie maalt erom hoe je eraan gekomen bent? Kennis is macht, en de belangrijkste vraag is: wat doe je met die macht?”


Wereldvisie

De kraaloogjes van de raaf houden alles in de gaten. Waar de raaf niet kan kijken, kijken zijn hulpjes – uilen zijn zijn ogen in de nacht, ratten speuren daar waar ook overdag de zon niet reikt. Naast zijn dienaren onder het ongedierte zijn ook zijn volgelingen onder de mensen altijd op zoek naar kennis, naar geheimen die later van belang kunnen zijn. Daarin tonen zij zich even weinig scrupuleus als de god die zij volgen. Het maakt Raven namelijk niet uit waar die kennis vandaan komt: gevonden, gekocht, gestolen of weggenomen bij de doden.

Zo komt het dat Raven ook dieven onder zijn rangen telt, en magiërs die hun elementaire krachten aanwenden om kennis te vergaren. Alles wat hij ziet, registreert en vastlegt kan in de toekomst van pas komen. Hij wil meer zien en alles beter begrijpen dan de rest, om met zijn inzicht de beslissingen te nemen die zijn belang het beste dienen. Raven is te intelligent om zich blindelings te schikken naar tradities en wetten.

Wanneer je op zoek bent naar de waarheid, kan je jezelf niet verliezen in emoties. Als je iets ziet wat je niet zint, treur niet, wees niet boos, maar vind de kennis en macht om het te veranderen. Met de macht die jouw kennis je geeft kan je de wereld controleren. Zie de wereld voor wat hij is. Zie jezelf voor wat je bent. Schuw de schaduwen niet, en wees niet bang. Emoties zijn verspilling. Zo tracht hij te regeren vanuit de schaduwen. Hij zal zelden naar voren stappen als de leider. Liever laat hij dat aan iemand anders over, om op zijn beurt de leider te leiden, gebruik makend van zijn kennis. Sommigen fluisteren dat hij daarmee niet rechtdoorzee is; zelf zegt hij liever dat hij de werkelijkheid ziet zoals deze is, en daar zo slim mogelijk doorheen navigeert.


Wetten en regels

  • Zorg dat jij degene bent met de meeste kennis. Kennis is macht. Hoe je aan je kennis komt is niet van belang.
  • Raven wil alles zien en alles weten, dus dien hem door te kijken. Als je ziet wat er gebeurt, openbaart de waarheid zich vanzelf.
  • Verlies de controle niet. Laat je niet meeslepen door emoties, want ze verhullen de waarheid.

Uiterlijk en sfeer

Priesters van Raven kleden zich doorgaans eenvoudig, in grijze, donkere, aardse kleuren, wellicht hier en daar voorzien van een mooi glimmend sieraad. Voor alle dingen die ze vinden, of vast willen leggen, dragen ze tassen en boeken bij zich.

Gebruikte symbolen

  • Het Boek
  • De Raaf
  • Het Oog (het liefst een zwart kraaloog)

Volgelingen

De volgelingen van Raven organiseren zich in kleine cirkels gecentreerd rond een bepaald kennisonderwerp, bijvoorbeeld in cultussen en kloosters. Leiding en respect is op basis van het niveau van kennis. De geleerden, maar ook de dieven, scharen zich onder de zwarte vleugels van deze hebberige god.


Anderen over Raven

“Raven is de god van kennis, bewaring en geheimen. Denk echter niet dat zijn kennis per se in jouw belang gegeven wordt. Raven kent geen moraliteit en het ligt er maar net aan welke waarheid of fictie de god het beste uitkomt. Als je de staat van de werkelijkheid tart kan feit zomaar fictie worden of andersom.”
Sofia, meester van Solar

“Hij zou met zijn smerige poten van andermans spullen af moeten blijven. Zeker als je er alleen maar op blijft broeden. Grijpt dan de macht met al die geheimen, wat een lafaard!”
Curio, volgeling van Moksha

“Een dwaas heeft vragen, een wijsgeer antwoorden. Raven neemt meer dan hij geeft. Is hij dan dwaas of wijsgeer?”
Covis, druide van Nymph


Kenmerkende parabel

“Lang geleden gingen drie mannen op reis. De drie mannen waren ieder op zoek naar het antwoord op een vraag en alle drie hadden gehoord over een put waarin alle wijsheid van de wereld te vinden was. De drie vonden uiteindelijk de put in het midden van de woestijn. Toen ze dichterbij kwamen verscheen er een Raaf. De Raaf zat op de rand van de put en keek de drie doordringend aan.
De eerste man stapte naar voren. Hij was een krijger in het leger van de sultan, en zocht naar de manier om het hart van de mooiste vrouw van het land te winnen. “Welke kennis kun je me geven in ruil voor het antwoord?” kraste de Raaf. “Ik kan je vertellen hoe te vechten met zwaard, speer en schild.” antwoordde de krijger. De kraalogen van de raaf blonken terwijl hij sprak: “Vertel me hoeveel mannen het leger heeft, waar de zwakke plekken in de forten zitten en welke generaal het minst gerespecteerd wordt.” De krijger schrok. “Die geheimen zal ik nooit prijsgeven.” Bij het spreken van deze woorden vloog de Raaf op, en pikte de ogen van de krijger uit. De krijger vluchtte weg, en stierf alleen in de woestijn.

De tweede man was een koopman. De koopman zocht de beste plek voor een goudmijn. Met een bevende stem zei hij: “Ik kan je de namen noemen van alle schepen in de havens, welke koopmannen hun klanten oplichten, en waar mijn moeder haar juwelen bewaart.” De ogen van de Raaf glommen. “Daal af in de put,” sprak hij, “en op de bodem vindt je wat je zoekt. Maar pas op, houd je lusten in bedwang en neem slechts wat jou toekomt.” Aldus daalde de koopman af, en vond op de bodem donkere gangen, gevuld met kasten vol boeken. Op een klein tafeltje lag een kaart van het land, maar zijn ogen vielen op een ander geschrift: hoe men lood in goud verandert. “De Raaf ziet het toch niet” dacht de koopman, en hij klom naar boven met beide papieren in zijn tas. De koopman was bijna boven, toen de Raaf naar het touw vloog. Hij pikte in de vingers van de koopman, die omlaag de diepte in viel. Met een doffe klap stopte zijn schreeuw.

De derde man was een dief, en geen domme. “Hoe kan ik het antwoord op elke vraag bezitten?” vroeg hij. “In ruil voor het antwoord, vertel ik alles wat ik gezien heb, en zal ik de wereld in gaan om jouw ogen te zijn.” De ogen van de Raaf glommen, en de dief daalde af. Op de bodem vond hij het tafeltje, met daarop een bouwplan voor een paleis. De dief liet het lijk van de koopman en de andere geschriften achter. Hij keerde ieder jaar terug bij de put. De dief werd rijk. Hij bouwde zijn paleis om de put heen, en men fluistert dat hij daar nog steeds woont.”


Bijzonderheden

Alle demonen die niet aan één van de Negen gelieerd zijn, zijn gebonden aan Raven.

Raven heeft een bibliotheek van al zijn verzamelde kennis. De bibliotheek heeft de vorm van een diepe put of een mijn, waar ratten naar binnen kunnen om kennis op te diepen.